17-05-07

Tiltechnieken: de tips

Als er iets opgetild en/of verplaatst moet worden, respecteer dan deze elementaire tiltechnieken:
  • U neemt een houding aan warbij u goed uw evenwicht kunt bewaren.
  • u brengt de tillen last zo dicht mogelijk bij uw lichaam of het lichaam zo dicht mogelijk bij de te tillen last.
  • U houdt de rug 'recht'en vergrendelt de wervelzuil.
  • U tilt vanuit de benen.
  • U vermijdt het draaien va uw romp tijdens de tilbeweging.
Neem bij het tillen en verplaatsen van lasten een houding aan waarbij het evenwicht goed bewaard kan worden. Een mens kan slechts in evenwicht blijven wanneer het zwaartepunt van het lichaam samen met de last binnen het steunvlak valt (het lichaams zwaartepunt ligt ergens in het bekken ter hoogte van de navel). Het steunval is het gebied op de grond, tussen uw voeten. Wanneer u uw steunvlak vergroot, zult u minder snel uw evenwicht verliezen.
 
Om zich goed te kunnen voorstellen wat er eingelijk in de rug gebeurt, kunt u uw rug vergelijken met een hefboom, waarbij het steunpunt ergens in de tussenwervelschijven ligt en waarbij kracht geleverd wordt door de rugspieren.
De last (die de rugspieren moeten tegenhouden) wordt gevord door:
  • Het gewicht van het bovenlichaam zelf bij vooroverbuigen en
  • De last die de persoon vasthoudt met de handen.
Het grote nadeel van de hefboom in de rug is dat de afstand van de rugspieren tot het steunpunt zeer klein is ten opzichte van de lastarm. Er moet dus veel kracht gezet worden met een erg korte hefboomarm, hetgeen zou neerkomen op het gebruik van een koevoet om iets los te maken, die maar bijvoorbeeld 20 cm lang zou zijn. Daardoor moeten de rugspieren zeer hoge klachten leveren wanneer gewoonweg de romp vooroverbuigt, zelfs zonder dat iets in de handen wordt gehouden.
 
Door de lastarm te beperken kan de belasting van de rug zo klein mogelijk worden gemaakt. Dit kan gedaan worden door:
  • Het voorwerp zo dicht mogelijk tegen het lichaam te tillen of te dragen.
  • Rekening houden met de vorm van de last.
Bij grote, onhandige voorwerpen zal bij het zwaartepunt van de last verder van het lichaam liggen. Omdat de lastarm dus groter wordt, zullen de rugspieren meer arbeid moeten leveren.
 
De druk in de kern van de tussenwervelschijf neemt enorm toe bij een voorovergebogen romphouding, bijvoorbeeld tijdens staan en bij zittend werken. Wanneer u voorovergebogen staat met een vooroverhellende romp, zonder enig gewicht in de handen, is de druk in de tussenwervelschijf de helft groter dan bij gewoon rechtop staan.
 
Reeds eerder werd opgemerkt dat bij een voorovergebogen staan met een vooroverhellende romp, met een groot gewicht in de handen, dit de druk in de tussenwervelschijf ook groter maakt, met als gevolg een zwaardere belasting van de ringen en een grotere kans op beschadiging. Niet alleen verhogen de krachten in de rug wanner de rug voorovergebogen wordt, de tussenwervelschijf wordt bovendien anders belast. De inwerkende krachten worden bij vooroverbuigen namelijk niet gelijkmatig verdeeld over de gehele oppervlakte van de schijf.
 
Vooral het voorste gedeelte van de tussenwervelschijf wordt dan onder hoge druk gezet en de geleiachtige kern wordt in een wigvorm gedwongen. Zijn de achterste ringen dan verzwakt, dan is er het gevaar dat de kern de ringen doorbreekt en gaat uitpuilen. Neem dus steeds een houding aan waarbij u uw evenwicht goed kan bewaren. Houd uw rug recht door het bekken te kantelen. Span vervolgens de buikspieren aan en houd uw adem in. Dit laatste is het 'vergrendelen' van de wervelzuil.

Commentaren

goeiedag
kan tiltechnieken leiden tot verzakking van de baarmoeder bij zeker jongvolwassenen waardoor risico is om geen kinderen meer te krijgen
op mijn werk verplaats ik vaak passagiers uit hun zetel en stel mij de vraag of dat bij het vaak uitvoeren en ook zonder materiaal zoals in het ziekenhuis geen risicos aan vasthangen wij doen dit allemaal handmatige verplaatsing
graag reactie op gehad

Gepost door: Brenda | 14-01-08

Druk op de discus van L5S1 L.S.,

Ik zou graag willen weten hoe groot de druk op de tussenwervelschijf van L5 S1 is van b.v. een man van 75 kg die rechtop staat.
Kunt U mij laten weten of het volgende juist is?

HAR = 2/3 x lichaamsgewicht = 50 kg
De loodlijn uit het lichaamszwaartepunt loopt niet precies door de kern van de tussenwervelschijf, maar voor de knie-as en enkels. Mag ik dan aannemen, dat de afstand van de loodlijn tot het steunpunt (de kern van de discus) 2 cm is en de afstand van de rugspieren tot het steunpunt 5 cm?
50 x 2 = kracht spieren x 5
kracht rugspieren = 20 kg.
De last die op de tussenwervelschijf L5S1drukt is
50 + 20 = 70 kg

Zou deze man 90 graden vooroverbuigen, dan onstaat een lastarm van 40cm (?).
50 x 40 = kracht spieren x 5
kracht spieren = 400 kg
Druk op de discus = 50 + 400 = 450 kg
Dit is ruim een factor 7.




Gepost door: Eggen | 25-01-09

De commentaren zijn gesloten.